0509 Onweer

We leggen aan bij de oever van 
het Twentekanaal. Ze opent een picknickmand. Ze snijdt het 
stokbrood verticaal en beide helften vervolgens horizontaal 
in tweeën, belegt de kwarten met veldsla en geitenkaas, voegt 
honing en geroosterde pijnpitten toe. Marco staat kwispelend naast me. ‘Af!’ slis ik. Het dier weigert te zitten en houdt zijn 
ogen op het stokbrood gefixeerd. We eten zwijgend.
‘Luister’, zeg ik. Ik steek mijn rechterhand op.
Behalve de doffe toon van het verkeer op de snelweg horen we voetstappen, radiosignalen, krakende takken. In het veld verschijnen drie mannen in witte overalls. Twee mannen dragen koptelefoons en rugzakken. Met detectieapparatuur tasten ze geconcentreerd de omgeving af. Een derde man maakt video 
opnamen. We groeten. Meer dan een knikje kan er niet af.
(Die ochtend had ik een afspraak met mijn Japanse mondhygiëniste. Als ze spreekt produceert ze schuim in haar mondhoeken. Soms ook spuugt ze kleine belletjes de ruimte in. Het is wennen, een bellenblazende mondhygiëniste. Ze is daarnaast ongelooflijk voorkomend.)
De kerels tasten met hun apparatuur boot en kade af. Niets rond-om ons blijkt de moeite waard.
Als de mannen de snelweg naderen, loopt het volume van het signaal op. Ze scannen de snelweg, het beton, het asfalt. Ik sta op en loop achter ze aan.
Ik spreek de man met de videocamera aan.
‘Paul S.’, stelt hij zich voor. Hij draait zijn camera naar me toe.
‘Van het Nieuw Brabants Front?’ vraag ik.
Hij knikt.
S. is beeldend kunstenaar. De film die hij draait, vormt een opmaat naar een project rondom de a1.
‘Project?’ vraag ik.
‘We zijn uitgenodigd te reflecteren op een onderzoek van Jeroen van Westen in samenwerking met ingenieursbureau Tauw. Dit onderzoek, dat zich op de a1 in Salland en Twente concentreert, wees een tiental weeffouten in het landschap aan. Locaties of momenten waarop de snelweg op brute wijze historische verbindingen aansnijdt. Doorsnijdt als het ware.’
‘Afsnijdt’, vul ik aan. Paul S. knikt.
‘Op basis van die reflectie ontwikkelen we een tijdelijk kunstwerk.’
‘Da’s niet gemakkelijk’, zeg ik. ‘Alle snelwegen snijden aan. En wat is er tegenwoordig niet tijdelijk?’
Hij knikt naar de detectisten. ‘We onderzoeken de culturele urgentie van de locatie. Die koppelen we terug naar de opdrachtgever. De apparatuur die we ontwikkelen meet de verhouding tussen culturele en natuurlijke energie.’ De lucht betrekt, een onweer barst los.
‘Ik moet verder,’ zegt Paul S., ‘onweer is de mooiste stoorzender waar het energieën betreft.’