0494 Dinkel

De winter van 1997 is dermate streng dat een Elfstedentocht mogelijk wordt. Café-restaurant De Dinkel bij Oldenzaal, afslag De Lutte, vlak voor de grens met Duitsland, laat het grasland achter zijn etablissement traditiegetrouw onder water lopen. In het midden van het kavel prikt een lichtmast in de grond. Na enkele nachten heeft het ijs de juiste hardheid en is de ijsbaan een feit.
Het café-restaurant bevindt zich in een ‘mensenluw’ gebied. 
Toch weet iedereen uit de omgeving De Dinkel te vinden. Vooral in de winter als er geschaatst kan worden. Alle avonden verzamelen verschillende amateurschaatsers zich op de ijsbaan.
Niet ver van de ijsbaan duikt de rivier de Dinkel onder de a1. Door de nabije aanwezigheid van de grensovergang treedt bij De Lutte, waar de Dinkel onder de snelweg duikt, regelmatig filevorming op.

Harry neemt Elisa in de winter van 1997 mee naar de ijsbaan in De Lutte. Hij heeft haar in zijn deux-chevaux opgehaald in 
Gronau waar ze woont. Harry zelf woont in Denekamp. Elisa is 
de receptioniste van het bedrijf waar Harry werkt. Elisa is dik (zijn collega’s noemen haar ‘De Zeug’). Harry houdt van vlees. Dikke dijen en een volle kont winden hem op. ‘De vrouw is blond en rond’, schrijft Harry in zijn dagboek.
Elisa heeft een dopneus waaronder zich een verrassend strakke snotgeul aftekent. Haar gebit is gaaf. Ze verzorgt zich goed. Ze draagt haar gewicht met klasse en is een gezette, aantrekkelijke, enigszins norse, onderkoelde vrouw van tweeëndertig. Ze is gesteld op luxe.
De eend helt over als ze plaatsneemt.
‘Is dit je auto?’ vraagt ze.
Ze heeft al lang niet meer geschaatst en moet haar slag hervinden. Harry legt zijn handen op haar heupen en voorkomt dat ze valt.
Ze maakt zich los van Harry, schaatst van hem weg, draait zich om en laat Harry tegen zich aan schaatsen. Harry verontschuldigt zich.
‘De Dinkel is een grillige rivier’, zegt Harry. ‘Is het niet raar dat wij rondjes draaien op een gecultiveerde ijsbaan terwijl De Dinkel naast ons het meest fantastische natuurijs biedt in grillige contouren bovendien?’
Ze haalt haar schouders op.
‘Via De Dinkel kunnen we naar mijn huis schaatsen’, zegt Harry.
‘Ga je gang’, zegt ze koel.
Ze gaat mee naar zijn huis. Ze heeft zich voorgenomen haar benen voor hem te spreiden. Ze wil zijn kleine geslacht zien. 
Ze compenseert haar overgewicht met een terugkerend dédain voor het mannelijke geslacht.
Tot haar grote verbazing is hij zwaargeschapen. Hij heeft een flinke, stevige penis. Zijn geslacht staat in geen verhouding tot zijn lichaam. Het uitgemergelde lichaam dat als een boot op haar lijf schommelt, ankert fors in haar. Hij komt niet klaar. 
Het spijt hem.
‘Geeft niet’, zegt ze. Ze staat op en kleedt zich aan. ‘Morgen weer een dag.’
Hij brengt haar met de eend terug naar Losser.

De Dinkel begint in de Duitse deelstaat Noord-Rijnland-Westfalen tussen Coesfeld en Ahaus. Bij Losser in Twente komt de Dinkel Nederland binnen. De rivier verlaat Nederland weer in de buurt van Denekamp, om uit te monden in de Vecht bij Neuenhaus. In Duitsland is de Dinkel sterk gekanaliseerd in de periode van 1970 tot 1980. Op Nederlands grondgebied meandert de rivier ongehinderd langs het Lutterzand. Verderop is de rivier gereguleerd om inzijging ten behoeve van de waterwinning te stimuleren. De Dinkel wordt tweemaal in het Twentse volkslied genoemd.